Veel vrouwen krijgen te horen dat klachten "er nu eenmaal bij horen" en dat het "vanzelf overgaat".
Het eerste klopt deels. Het tweede te vaak niet.
De cijfers laten zien hoe vaak klachten voorkomen én hoe vaak ze blijven hangen wanneer er niets aan gedaan wordt.
40-60% van de zwangere vrouwen krijgt bekkenpijn in het tweede of derde trimester.
1 op de 4 vrouwen heeft in de kraamperiode nog bekkenklachten.
35% van de vrouwen heeft tot 1 jaar na de bevalling nog bekken- of rugklachten.
33% van de vrouwen heeft een jaar na de bevalling nog een diastase.
Bijna 1 op de 3 vrouwen die zich na hun bevalling ziekmeldt, doet dat puur om lichamelijke klachten (meestal bekken- en rugklachten).
Wat deze cijfers echt vertellen, is niet dat je bang moet zijn.
Wel dat klachten veelvoorkomend zijn, en dat de groep vrouwen die er last van blijft houden, groot is.
Dat verschil, tussen klachten die overgaan en klachten die blijven, wordt voor een groot deel bepaald door wat je voor, tijdens en na je bevalling doet.
En juist daar valt veel te winnen.
Onderzoek laat zien dat begeleide oefentherapie de kans op blijvende klachten meetbaar verlaagt.
Bij begeleide bekkenbodem- en herstelbehandeling daalde het percentage vrouwen met een diastase zes weken na de bevalling van 76% naar onder de 10%.
Klachten hebben is normaal.
Ze de baas blijven is een kwestie van de juiste kennis, begeleiding en oefening, op het juiste moment.