Bekkenpijn zwangerschap: wat werkt echt volgens onderzoek

Bekkenpijn tijdens de zwangerschap: het complete overzicht van een fysiotherapeut

Je bent zwanger. En ergens tussen week 14 en week 24 begint het. Een zeurende pijn onderin je rug. Een steek bij het omdraaien in bed. Dat rare, onzekere gevoel als je uit de auto stapt.

Je vertelt het bij de controle. En je hoort: dat hoort erbij.

Ik ga je in dit artikel iets anders vertellen. Bekkenpijn tijdens de zwangerschap komt inderdaad heel vaak voor. Maar veelvoorkomend is niet hetzelfde als onvermijdelijk, en zeker niet hetzelfde als iets waar je niets aan kunt doen.

In dit artikel lees je precies wat bekkenpijn is, waar het vandaan komt, welke behandelingen aantoonbaar helpen en welke niet, en wat je vandaag zelf al kunt veranderen. Alles onderbouwd met wetenschappelijk onderzoek, en aangevuld met wat ik in dertien jaar praktijk heb gezien bij vrouwen die net als jij hun zwangerschap niet passief willen ondergaan.

Ik ben Maaike Grovenstein, Premium Fysiotherapeut gespecialiseerd in zwangerschap, bevalling en herstel. Ik behandel al ruim dertien jaar vrouwen met bekkenklachten, en ik ben zelf twee keer zwanger geweest.

Eén ding vertel ik er meteen bij, want ik vind dat je dat moet weten: ik heb zelf geen bekkenpijn gehad. Niet bij mijn dochter en niet bij mijn zoon. Wat ik wél had, waren klachten in de spieren rondom mijn bekken, harde buiken en pijn onder mijn ribben. Die eerste wordt in de praktijk zó vaak voor bekkenpijn aangezien dat ik er verderop een apart hoofdstuk aan wijd. Juist omdat ik het verschil aan den lijve ken, weet ik hoeveel het uitmaakt of je de juiste naam aan je klacht geeft.

Lees rustig verder. En weet: je lijf is niet kapot.


Wat is bekkenpijn tijdens de zwangerschap precies?

Bekkenpijn tijdens de zwangerschap wordt in Nederland officieel zwangerschapsgerelateerde bekkenpijn genoemd. In het internationale onderzoek heet het pelvic girdle pain.

Het is pijn die ontstaat in of rondom de gewrichten van je bekken, tijdens de zwangerschap of in de eerste maanden na de bevalling. De pijn wordt vrijwel altijd erger bij activiteiten waarbij je gewicht van het ene been naar het andere overbrengt: lopen, traplopen, omdraaien in bed, opstaan uit een stoel, in en uit de auto stappen.

Dat laatste is belangrijk. Het is niet zomaar pijn. Het is pijn die opkomt bij het overbrengen van belasting. Dat is precies het onderscheidende kenmerk.


Waar voel je bekkenpijn precies?

Je bekken heeft drie gewrichten. Twee achterin, links en rechts, waar je heupbeenderen aansluiten op je heiligbeen. Dat zijn de sacro-iliacale gewrichten. En één voorin, waar de twee helften van je bekken samenkomen bij je schaambeen. Dat is de symfyse.

Bekkenpijn kan in elk van deze drie plekken zitten, of in meerdere tegelijk. De meest voorkomende plekken:

  • Achterin, laag in je rug, net onder de rand van je bekken en boven je bilplooi. Vaak aan één kant, soms aan beide kanten.
  • Voorin, bij je schaambeen. Dit voelt scherper en wordt vaak beschreven als een brandend of splijtend gevoel. Sommige vrouwen horen of voelen een klik.
  • In je bil of aan de achterkant van je bovenbeen. De pijn kan uitstralen tot boven je knie.
  • In je lies of aan de binnenkant van je bovenbeen.

Wat je meestal niet hebt bij bekkenpijn: uitstralende pijn tot in je onderbeen of voet, tintelingen in je voet, of krachtverlies in je been. Als je dat wel hebt, is er waarschijnlijk iets anders aan de hand en is het verstandig om contact op te nemen met je verloskundige of huisarts.


Bekkenpijn of gewoon rugpijn?

Dit onderscheid wordt in de praktijk vaak door elkaar gehaald, terwijl het voor de aanpak wel degelijk uitmaakt.

Bij lage rugpijn zit de pijn hoger, in je onderrug, en is die vaak diffuser. Ze reageert op buigen en strekken van je rug.

Bij bekkenpijn zit de pijn lager, is vaak scherper afgebakend en reageert vooral op het verplaatsen van gewicht van links naar rechts. Traplopen doet zeer. Op één been staan om je broek aan te trekken doet zeer. Lang stilstaan doet zeer.

Veel vrouwen hebben overigens allebei. Onderzoek uit 2025 laat zien dat het loont om dat onderscheid wel te maken, omdat voorlichting en oefeningen die op de juiste klacht zijn afgestemd effectiever blijken dan algemene adviezen die beide op één hoop gooien.


En dan is er nog een derde mogelijkheid: de spieren rondom je bekken

Dit hoofdstuk schrijf ik uit eigen ervaring, want dit is wat ik zelf had.

Tijdens mijn zwangerschappen had ik geen pijn in mijn bekkengewrichten. Wat ik wel had, was flinke last van de spieren eromheen, en dan met name de piriformis. Dat is een diepliggende bilspier die vanaf je heiligbeen, vlak bij je SI-gewricht, naar de buitenkant van je heup loopt.

Waarom is dat belangrijk om te weten? Omdat de plek waar je het voelt bedrieglijk veel lijkt op bekkenpijn. Diep in je bil, laag achterin, soms uitstralend naar je bovenbeen. Precies de plek waar ook een SI-gewricht pijn kan doen.


Het verschil zit in het gedrag van de klacht:

  • Bij bekkenpijn komt de pijn op bij het overbrengen van gewicht. Traplopen, omdraaien in bed, opstaan uit de auto.
  • Bij een spierprobleem als dit komt de pijn eerder op bij lang in dezelfde houding zitten, bij druk op die plek, en bij bepaalde rekbewegingen. Rekken geeft vaak juist opluchting, en dat is bij echte bekkenpijn zelden zo.

Wat mij hielp: veel en consequent rekken, en me laten behandelen door een collega-fysiotherapeut die tegelijk een vriendin is.

Omdat ik weet dat veel vrouwen aarzelen om hulp te zoeken juist omdat ze niet weten wat er dan gaat gebeuren, vertel ik precies wat zij deed.

Triggerpointbehandeling. Met gerichte druk op de spanningspunten in de spier zelf. Dat is niet altijd comfortabel op het moment zelf, en het geeft daarna ruimte.

Dieper rekken dan ik alleen kon. De oefening die ik thuis deed, deed ik bij haar ook, maar dan met haar handen erbij. Zo ziet die rek eruit: je ligt op je rug, je legt je enkel over je andere bovenbeen zodat je een vier maakt met je benen. Je pakt de knieholte van je onderste been vast en trekt die naar je toe, terwijl je je bovenste knie naar buiten laat zakken.

Thuis kwam ik daarmee een eind. Bij haar kwam ik verder, doordat zij tegelijk mijn bovenste knie naar beneden duwde en mijn onderste been verder naar achteren trok. Twee bewegingen tegelijk die ik alleen niet voor elkaar kreeg. Het verschil in diepte was aanzienlijk.

Dat tweede punt noem ik expres. Ik ben zelf fysiotherapeut, ik wist precies welke oefening ik nodig had, en ik kwam er alleen niet. Sommige dingen kun je niet bij jezelf doen, hoe goed je je vak ook kent.

Waarom dit hoofdstuk hier staat: ik zie in mijn praktijk regelmatig vrouwen die het etiket bekkeninstabiliteit hebben gekregen, die vervolgens een bekkenband dragen en minder zijn gaan bewegen, terwijl hun klacht in de spieren zit. Die vrouwen worden van dat advies niet beter. Ze worden er stijver van, en banger.

Dat is niet bedoeld als kritiek op wie die diagnose stelde. Het onderscheid is echt lastig, zeker als je maar tien minuten hebt. Het is bedoeld als reden om goed te laten kijken naar wat er bij jou aan de hand is voordat je een aanpak kiest. Want de behandeling van deze twee klachten loopt in belangrijke opzichten uiteen.


Waarom ik het woord bekkeninstabiliteit liever niet gebruik

Veel vrouwen zoeken op bekkeninstabiliteit. Ik snap dat, want die term wordt overal gebruikt. Toch klopt hij niet, en hij richt schade aan.

Het woord instabiel suggereert dat je bekken los zit, uit elkaar valt of niet meer betrouwbaar is. Dat is niet wat er gebeurt. Metingen laten zien dat de gewrichten van het bekken bij vrouwen met pijn niet meetbaar losser zijn dan bij vrouwen zonder pijn. Wat wel verandert, is de manier waarop je spieren de belasting verdelen en het moment waarop ze aanspannen.

Ook de Nederlandse fysiotherapierichtlijn heeft daarom bewust gekozen voor de term zwangerschapsgerelateerde bekkenpijn, juist omdat woorden als instabiliteit een te eenvoudige en te bedreigende verklaring geven voor iets wat meerdere oorzaken heeft.

Waarom is dat belangrijk voor jou? Omdat wat je gelooft over je pijn invloed heeft op hoeveel pijn je ervaart en hoeveel je nog durft te doen. Als jij denkt dat je bekken uit elkaar valt, ga je vanzelf minder bewegen, voorzichtiger lopen en meer aanspannen. En dat is precies de richting die je niet op wilt.

Je bekken is stevig. Het is gebouwd om een kind te dragen en te baren. Er is iets veranderd in hoe het samenwerkt, en daar kun je aan werken.


Hoe vaak komt bekkenpijn tijdens de zwangerschap voor?

Vaker dan je denkt, en veel vaker dan er over gesproken wordt.

In een grote overzichtsstudie uit 2026, waarin dertig onderzoeken met in totaal 142.447 vrouwen werden samengevoegd, kwam een geschatte prevalentie naar voren van tot 61 procent tijdens de zwangerschap. Het merendeel van die metingen vond plaats in het derde trimester.

Andere overzichten komen op percentages tussen de 23 en 65 procent, en over alle studies heen loopt de spreiding van 4 tot 76 procent. Die enorme spreiding komt niet doordat het ene land gezondere vrouwen heeft dan het andere, maar doordat onderzoekers verschillende definities en verschillende tests gebruiken. Er bestaat namelijk geen enkele test die als gouden standaard geldt.

Wat je hieruit mag meenemen: ruwweg de helft van alle zwangere vrouwen krijgt hiermee te maken. Je bent dus absoluut niet de enige, en je bent zeker niet aanstellerig.

Na de bevalling neemt het bij de meeste vrouwen af. In diezelfde overzichtsstudie uit 2026 hield ongeveer 28 procent van de vrouwen na de bevalling nog klachten. Dat is bijna een op de drie, en dat is precies waarom ik dit onderwerp zo belangrijk vind.

Er is nog iets wat zelden genoemd wordt. Uit een overzicht van elf studies bleek dat ongeveer 24 procent van de vrouwen met zwangerschapsgerelateerde bekkenpijn ook depressieve klachten heeft. Pijn die je dagelijks beperkt, je nachtrust verstoort en je het gevoel geeft dat je niet serieus genomen wordt, doet iets met je. Dat is geen zwakte. Dat is een logische reactie.


Waardoor ontstaat bekkenpijn tijdens de zwangerschap?

Hier moet ik eerlijk zijn: de wetenschap weet het niet precies. Wat wel duidelijk is, is dat er niet één oorzaak is. Het is een samenspel van factoren, en dat samenspel is bij iedere vrouw net iets anders.

Laat ik beginnen met de verklaring die je waarschijnlijk het vaakst hebt gehoord, en die niet klopt.


De relaxine mythe

Je hebt vast gehoord dat het hormoon relaxine je bekkenbanden losser maakt, en dat je daarom pijn hebt. Het klinkt logisch. Het is alleen niet wat het onderzoek laat zien.

In een systematisch overzicht werden zes onderzoeken bekeken die de relatie tussen relaxinespiegels en bekkenpijn hebben gemeten. Twee vonden een verband. Vier vonden geen verband. En juist de onderzoeken met de beste kwaliteit vonden geen verband. De conclusie van de auteurs was dat het bewijs voor een verband tussen relaxine en bekkenpijn zwak is.

Relaxine bestaat wel degelijk, en het maakt je bindweefsel inderdaad rekbaarder. Maar dat gebeurt bij álle zwangere vrouwen, ook bij de helft die geen pijn krijgt. Relaxine alleen verklaart dus niets.

Waarom vertel ik je dit? Omdat de relaxine verklaring je passief maakt. Als het door een hormoon komt, kun je er niets aan doen en moet je het uitzitten. En dat is precies de boodschap waar ik zo veel vrouwen mee zie thuiskomen.


Wat waarschijnlijk wel meespeelt

Belasting en belastbaarheid raken uit balans. Je lichaam verandert in korte tijd enorm. Je gewicht neemt toe, je zwaartepunt verschuift naar voren, je buikspieren rekken op en verliezen daardoor een deel van hun functie. De vraag die je lijf krijgt wordt groter, terwijl het vermogen om die vraag te beantwoorden op dat moment kleiner is.

De timing van je spieren verandert. Er is redelijk bewijs dat vrouwen met bekkenpijn hun rompspieren anders aansturen: net iets later, net iets minder gedoseerd, vaker met te veel spanning tegelijk. Je bekken wordt niet losser, maar de samenwerking wordt minder soepel. En dat is precies iets wat je kunt trainen.

Je zenuwstelsel doet mee. Dit is het stuk dat in de meeste artikelen ontbreekt. Uit de overzichtsstudie van 2026 bleek dat emotionele spanning tijdens de zwangerschap samenhing met aanhoudende bekkenpijn na de bevalling. Vrouwen bij wie op twee momenten in de zwangerschap emotionele spanning werd vastgesteld, hadden een duidelijk verhoogde kans op langdurige klachten.

Dat wil niet zeggen dat de pijn tussen je oren zit. Het betekent dat pijn altijd het product is van je lijf én je zenuwstelsel. En dat je in een lijf dat constant aan staat, waar de spanning nooit helemaal weg is, meer pijn ervaart bij dezelfde belasting.

Dit is precies de reden dat ik het Hart als eerste hoek van mijn methode heb genomen, en niet als bijzaak. Daar kom ik verderop op terug.


Bij wie is de kans op bekkenpijn groter?

Uit de onderzoeksliteratuur komen een aantal factoren steeds terug. Ze voorspellen niets met zekerheid, maar ze geven wel aan wanneer het verstandig is om er vroeg bij te zijn.


Factoren die de kans op bekkenpijn tijdens de zwangerschap verhogen:

  • Eerdere lage rugpijn of bekkenpijn, ook van vóór je zwangerschap
  • Bekkenpijn in een vorige zwangerschap
  • Zwaar lichamelijk werk of langdurig staand werk
  • Een hoger gewicht voor de zwangerschap
  • Meerdere eerdere zwangerschappen
  • Roken


Factoren die de kans op aanhoudende klachten ná de bevalling verhogen:

  • Veel pijn tijdens de zwangerschap
  • Meerdere pijnprovocerende tests die positief zijn, dus pijn op meerdere plekken in je bekken
  • Een voorgeschiedenis met lage rugpijn
  • Veel beperkingen in het dagelijks leven tijdens de zwangerschap
  • Sterke bewegingsangst, dus de overtuiging dat bewegen je klachten erger maakt

Let vooral op die laatste. Bewegingsangst is de enige factor in dit rijtje die je op korte termijn volledig kunt beïnvloeden. En het is precies de factor die verergert als iemand je vertelt dat je bekken instabiel is en je vooral rust moet houden.


Herken je jezelf hierin en wil je weten wat er bij jou speelt? Download mijn gratis gids voor een zwangerschap zonder klachten. Daarin staan de oefeningen en adviezen waarmee mijn cliënten beginnen.

Download de gratis gids


Hoe wordt bekkenpijn vastgesteld?

Er bestaat geen scan, foto of bloedtest die bekkenpijn aantoont. Een echo of röntgenfoto laat niets zien wat je verder helpt. De diagnose wordt gesteld op basis van je verhaal en een aantal bewegingstests.


De tests die ik in de praktijk gebruik

In het onderzoek wordt een aantal tests consequent gebruikt. De twee die het vaakst voorkomen:

De pijnprovocatietest achterop het bekken. Je ligt op je rug, je knie is gebogen, en er wordt via je bovenbeen druk gegeven richting je bekken. Herken je de pijn achterin je bekken, dan is de test positief. In de overzichtsstudie van 2026 was dit de meest gebruikte test, en een test die aan beide kanten positief was hing samen met een verhoogde kans op klachten na de bevalling.

De actieve gestrekte beenheftest. Je ligt op je rug en tilt om beurten een gestrekt been een klein stukje op. Je geeft aan hoe zwaar dat voelt op een schaal. Voelt één been duidelijk zwaarder, dan zegt dat iets over hoe je lijf de belasting verdeelt. Deze test is bovendien mooi, omdat je hem direct kunt herhalen terwijl ik je bekken met mijn handen ondersteun. Voelt het dan lichter, dan weet je meteen dat er iets te winnen valt.

Daarnaast kijk ik naar je manier van lopen, opstaan, bukken en ademen, en test ik hoe je bekkenbodem en diepe buikspieren samenwerken.


Een eenvoudige zelftest

Je kunt thuis een indruk krijgen. Loop een minuut in een rustig tempo. Loop daarna dezelfde minuut, maar leg je handen stevig om je bekken, net onder de rand van je heupbeenderen, en druk lichtjes naar binnen.

Voelt het lopen met die druk merkbaar lichter of minder pijnlijk, dan is dat een aanwijzing dat je bekken baat heeft bij betere ondersteuning van buitenaf. En dus ook bij betere ondersteuning van binnenuit, door je eigen spieren.

Dit is geen diagnose. Het is een aanwijzing waarmee je gerichter het gesprek kunt aangaan.

Een tweede vraag om jezelf te stellen: helpt rekken? Zoek de plek op waar het pijn doet en breng die spier voorzichtig op rek. Voelt dat opluchtend, dan wijst dat eerder richting een spierprobleem zoals ik hierboven beschreef. Voelt het prikkelend of maakt het de pijn erger, dan past dat beter bij het gewricht zelf. Ook dit is geen diagnose, maar het is wél informatie die je meeneemt naar degene die je onderzoekt.


Wanneer neem je direct contact op?

Er zijn signalen waarbij je niet moet afwachten. Neem contact op met je verloskundige, huisarts of gynaecoloog bij:

  • Aanhoudende, onverklaarde pijn in je bekken of lage rug die niet reageert op houdingsverandering
  • Uitstralende pijn die je hele been in gaat en overheerst
  • Krachtverlies of gevoelloosheid in een been
  • Koorts in combinatie met bekkenpijn
  • Pijn die plotseling ontstaat na een val of ongeval
  • Veranderingen in je plas of ontlasting die je niet kunt verklaren

Dit staat er niet om je bang te maken. Het staat er zodat je weet waar de grens ligt tussen klachten waar je zelf mee aan de slag kunt, en klachten die eerst medisch beoordeeld moeten worden.


Wat helpt echt bij bekkenpijn tijdens de zwangerschap?

Nu het deel waar je waarschijnlijk voor kwam. Ik zet de behandelmogelijkheden op een rij, met wat het onderzoek erover zegt. Inclusief de dingen die minder goed werken dan gehoopt.


1. Uitleg en pijneducatie

Dit klinkt als het saaiste onderdeel, en het is een van de belangrijkste.

Een overzicht uit 2025 bekeek achttien studies, waaronder negen gerandomiseerde onderzoeken, en concludeerde dat goede voorlichting tijdens de zwangerschap kan bijdragen aan minder pijn en minder beperkingen. Met drie belangrijke kanttekeningen die de onderzoekers zelf noemen: voorlichting werkt beter als ze wordt afgestemd op de specifieke klacht in plaats van algemeen te blijven, ze werkt het beste vroeg in de zwangerschap, en ze werkt niet als losstaande maatregel maar alleen in combinatie met actieve behandeling zoals oefentherapie.

De onderzoekers merkten daarnaast op dat de meeste bestaande voorlichting zich beperkt tot houding en tilinstructies, en dat factoren als slaap, spanning en pijnbegrip vrijwel altijd ontbreken.

Dat is precies wat ik in de praktijk terugzie. Vrouwen krijgen een A4 met tilinstructies mee, en niemand vraagt hoe ze slapen, hoeveel ze in hun hoofd zitten of waar ze bang voor zijn.


2. Oefentherapie en het trainen van je aansturing

Dit is de kern van de fysiotherapeutische behandeling.

Het onderzoek is genuanceerd, en dat vertel ik je liever eerlijk dan mooier dan het is. Een grote meta-analyse van elf gerandomiseerde onderzoeken met 2.347 zwangere vrouwen liet zien dat algemene beweegprogramma's het risico op lage rugpijn met ongeveer 9 procent verlagen, maar geen duidelijk beschermend effect hadden op het ontstaan van bekkenpijn. Wél daalde het aantal nieuwe ziekmeldingen door rug- en bekkenklachten aanzienlijk.

Belangrijk verschil: dat gaat over algemene beweegprogramma's ter voorkoming van klachten. Voor de behandeling van bestaande klachten ligt het anders. Onderzoek naar specifieke stabiliserende oefeningen, gericht op de diepe rompspieren en de samenwerking tussen bekkenbodem, diepe buikspieren en ademhaling, laat bij vrouwen met aanhoudende bekkenpijn na de bevalling wel duidelijke verbeteringen zien in pijn en functioneren.

En in maart 2026 verscheen een gerandomiseerd onderzoek waarin vrouwen met bekkenpijn na de bevalling naast de gebruikelijke bekkenfysiotherapie ook functionele training kregen, gericht op echte bewegingen uit het dagelijks leven. De groep die deze extra training kreeg, verbeterde meer op pijn en dagelijks functioneren dan de groep met alleen de standaardbehandeling.

De rode draad: algemeen bewegen is goed voor je, gerichte training van jouw specifieke aansturing is beter.


3. De bekkenband

Veel vrouwen krijgen een bekkenband aangeraden, en veel vrouwen kopen er zelf een.

Een meta-analyse uit 2025 die het effect van bekkenbanden tijdens de zwangerschap onderzocht, vond een bescheiden vermindering van pijn en een minimale verbetering van het dagelijks functioneren. Een ander overzicht concludeerde dat een flexibele band aan te raden is om pijn te verminderen, dat het effect op functioneren onzeker is, en dat flexibele en stevige banden ongeveer even goed werken.


Mijn advies, gebaseerd op zowel dit onderzoek als de praktijk:

  • Een bekkenband kan zeker verlichting geven, en verlichting is waardevol als je nog moet werken, zorgen en slapen.
  • Draag hem gericht, tijdens activiteiten die je klachten uitlokken, en niet de hele dag door.
  • Zorg dat hij op de juiste plek zit. Laag, om je bekken heen, net onder de rand van je heupbeenderen. Niet om je taille.
  • Zie hem als hulpmiddel, niet als oplossing. Een band ondersteunt van buitenaf. Het doel blijft dat je lijf het van binnenuit weer beter gaat doen.


4. Handelingen van de fysiotherapeut

Manuele technieken, massage en zachte mobilisaties kunnen pijn tijdelijk verminderen en helpen om je zenuwstelsel te kalmeren. Het bewijs hiervoor is minder sterk dan voor oefentherapie en voorlichting, en het effect is vooral op de korte termijn.

Ik gebruik dit in mijn praktijk als opstap. Wanneer de pijn zo aanwezig is dat oefenen niet lukt, is het logisch om eerst ruimte en rust in het weefsel te maken, en van daaruit op te bouwen. Als losse behandeling zonder actieve opbouw doe ik het niet, want dan blijf je afhankelijk van mij. Dat is niet mijn doel.


5. Rust houden

Dit is de meest gegeven en meest schadelijke tip.

Rust helpt op de dag zelf. En elke dag dat je minder beweegt, wordt je belastbaarheid iets kleiner, waardoor dezelfde activiteit morgen zwaarder voelt. Zo ontstaat een cirkel die steeds nauwer wordt.

De Nederlandse fysiotherapierichtlijn stelt als doel tijdens de zwangerschap dan ook expliciet: actief blijven, passend bij de fase van je zwangerschap. Niet stilzitten en afwachten.

Dat betekent niet dat je door de pijn heen moet ploegen. Het betekent dat je op zoek gaat naar de manier waarop je wél kunt blijven bewegen. Vaak zit dat in het aanpassen van hoe je iets doet in plaats van of je het doet.


Wil je weten welke van deze aanpakken bij jouw situatie passen? In een Premium 1:1 Fysio Consult onderzoek ik jouw bekken, jouw aansturing en jouw belasting, en krijg je een plan dat op jou is afgestemd.

Bekijk het Premium 1:1 Fysio Consult


Twee signalen die je lijf geeft en die vrijwel niemand uitlegt

Naast pijn geeft je lichaam tijdens de zwangerschap nog andere signalen af. Ik noem er twee, omdat ik ze bij mezelf goed heb leren kennen en omdat vrouwen er in mijn praktijk zelden uitleg over hebben gekregen.


Harde buiken bij te veel doen

Een harde buik is een samentrekking van je baarmoeder. Ze horen bij een zwangerschap en de meeste zijn onschuldig. Maar ze zijn ook informatie.

Bij mij kwamen ze precies op de momenten waarop ik te veel had gedaan. Te lang doorgelopen, te lang gestaan, te veel op één dag gepropt. Mijn buik werd hard, en dat was mijn lijf dat op de rem trapte voordat ik het zelf doorhad.

Zo ben ik ze gaan gebruiken: als graadmeter. Niet als reden om te schrikken, maar als informatie over de dag die achter me lag. Krijg je regelmatig harde buiken op de momenten dat je jezelf voorbij loopt, dan is dat een aanwijzing dat je belasting en je belastbaarheid uit balans zijn. En dat is precies hetzelfde mechanisme dat ook bekkenpijn in stand houdt.

Wat ik deed als ze er eenmaal waren: meteen rust nemen. Niet de activiteit afmaken en dán gaan zitten, maar direct. Zitten als het niet anders kon, en liggen als het even kon.

De twee houdingen waar ik het meest aan had:

  • Op mijn linkerzij, met een kussen tussen mijn knieën. Het kussen zorgt dat je bovenste been niet naar beneden zakt en je bekken dus niet verdraaid ligt. Op je linkerzij liggen wordt vaak aangeraden omdat het de doorbloeding naar de baarmoeder ten goede komt.
  • Op mijn rug, met een halfrond kniekussen onder mijn knieën. Zo staan je heupen en knieën licht gebogen en komt je onderrug tot rust. Let op: later in de zwangerschap wordt langdurig plat op je rug liggen meestal afgeraden. Doe dit dus kort, of leg iets onder één bil zodat je iets naar links gekanteld ligt, en ga anders liggen zodra het minder prettig voelt.

Meteen rust nemen klinkt vanzelfsprekend, en in de praktijk is het dat allerminst. De verleiding om die ene boodschap nog te doen of die was nog op te hangen is groot. Bij mij was dat vaak precies het moment waarop mijn buik hard werd.

Belangrijk om erbij te zeggen, want dit moet je goed weten: harde buiken die regelmatig terugkomen, pijnlijk zijn, ritmisch worden of gepaard gaan met andere klachten hoor je te bespreken met je verloskundige of gynaecoloog. Zeker vóór 37 weken. Gebruik dit dus als graadmeter voor je belasting, niet als vervanging voor een gesprek met degene die je zwangerschap begeleidt.


De flare van je onderste ribben

Naarmate je zwangerschap vordert, duwt je baarmoeder omhoog tegen je middenrif en gaan je onderste ribben naar buiten staan. Dat noemen we ribflare. Het is een normale aanpassing, en bij mij was het een van de drie dingen waar ik het meeste last van had.

Wat je ervan merkt: een zeurend, drukkend of soms scherp gevoel onder je ribbenboog. Het kan lastig zijn om diep adem te halen. Vaak is het aan één kant erger dan aan de andere.

Bij mij kondigde het zich elke keer op dezelfde manier aan: mijn bh ging knellen. Nog voordat ik het als ribklacht herkende, merkte ik dat de band te strak zat. Dat is logisch, want de band van je bh ligt precies om je onderste ribben. Gaan die naar buiten staan, dan wordt hij te krap.

Dat is meteen het eerste wat ik je aanraad om na te lopen. Ga tijdig over op een bh met een bredere, rekbaardere band, of op een zwangerschaps- of voedingsbh die meegroeit. Beugels zijn in deze fase voor veel vrouwen ongemakkelijk, precies omdat ze op die ribbenboog drukken. Een knellende band is niet de oorzaak van je ribflare, maar hij maakt het gevoel merkbaar erger.

Waarom dit in een artikel over bekkenpijn staat, en niet in een apart hoekje: je middenrif en je bekkenbodem werken samen. Ze bewegen met elkaar mee bij elke ademhaling en ze verdelen samen de druk in je buik. Als je ribben ver naar buiten staan en je middenrif daardoor minder goed kan zakken, gaat je ademhaling hoger zitten. En een hoge ademhaling betekent meer druk naar beneden en minder goede drukverdeling in je romp.

Dat is precies waarom ik bij vrouwen met bekkenklachten altijd ook naar de ademhaling kijk, en niet alleen naar het bekken zelf.

Wat helpt:

  • Ruimte maken tussen je ribben en je bekken. Ga rechtop zitten en strek je bovenlichaam lang omhoog, alsof iemand aan je kruin trekt. Onderuitgezakt zitten drukt je ribbenboog verder in de knel.
  • Zijwaarts ademen. Handen op de zijkant van je onderste ribben, en de adem daarnaartoe sturen in plaats van naar je borstbeen omhoog. Dit is dezelfde oefening die verderop in dit artikel staat, en ze doet hier dubbel werk.
  • Een arm boven je hoofd strekken naar de kant die het meest gespannen is. Kort en rustig, geen forceren.
  • Van houding wisselen. Lang in dezelfde houding blijven maakt het altijd erger.

Dit onderwerp raakt ook aan wat er met je buikwand gebeurt. Daarover lees je meer in mijn artikel over diastase.


Waarom mijn tweede zwangerschap soepeler verliep dan mijn eerste

Ik zet de twee naast elkaar, want de uitkomst verraste mij zelf.

Bij mijn dochter had ik alle drie de klachten: de piriformis, de harde buiken en de ribflare. Bij mijn zoon had ik alleen de ribflare. Geen piriformisklachten, geen harde buiken.

En dat terwijl hij bij zijn geboorte dertienhonderd gram zwaarder was, en ik hem bijna drie weken langer heb gedragen. Zij kwam bij 39 weken en 1 dag, hij bij 42 weken precies. Op papier was mijn tweede zwangerschap dus zwaarder en langer. In mijn lijf verliep hij soepeler.

Waarom? Omdat ik het al een keer had meegemaakt.

Ik wist bij mijn zoon waar mijn grenzen lagen. Ik herkende het gevoel dat aan een harde buik voorafging en ging dan zitten voordat het zover kwam. Ik wist welke rek mijn piriformis nodig had, en ik deed hem vóórdat de klachten opkwamen in plaats van erna. Ik wist dat een knellende bh het begin van ribflare was en verwisselde hem op tijd.

Kortom: bij mijn eerste zwangerschap reageerde ik op klachten. Bij mijn tweede zwangerschap kwam ik ze voor.

Dat is precies de reden dat ik dit werk doe, en dat ik dit artikel zo uitgebreid heb geschreven. Wat ik bij mijn tweede zwangerschap uit ervaring wist, kun jij bij je eerste al weten. Je hoeft er geen zwangerschap voor op te offeren om erachter te komen hoe jouw lijf werkt.

Nog één ding hierover, want ik wil geen verkeerd beeld geven: dit is mijn ervaring, geen belofte. Er zijn genoeg vrouwen bij wie de tweede zwangerschap zwaarder is dan de eerste, en dat zegt niets over hoe goed ze het aanpakken. Wat wél voor iedereen geldt: hoe eerder je weet waar jouw grenzen liggen, hoe meer je eraan hebt.


Bekkenpijn en De Gouden Driehoek

In mijn praktijk werk ik met De Gouden Driehoek: Hart, Bekken en Kind. Dat is geen mooie verpakking om een aantal oefeningen heen. Het is de manier waarop ik naar bekkenpijn kijk, en het sluit aan bij wat het onderzoek laat zien over het samenspel van factoren.


Hart

Je zenuwstelsel bepaalt mede hoeveel pijn je voelt en hoeveel spanning er in je bekkenbodem en heupen zit. Als je gewend bent om altijd aan te staan, om door te gaan, om te presteren, dan staat dat systeem zelden uit.

De overzichtsstudie van 2026 vond een duidelijk verband tussen emotionele spanning tijdens de zwangerschap en aanhoudende bekkenpijn na de bevalling. En de auteurs van het voorlichtingsonderzoek uit 2025 pleiten er nadrukkelijk voor om slaap en stress standaard onderdeel te maken van de begeleiding.

In de praktijk werk ik hier met ademhaling laag in het bekken, met het herkennen van je eigen spanningspatroon en met echt leren ontspannen. Niet als extraatje. Als behandeling.


Bekken

Hier zit mijn vakinhoudelijke kern. Het onderzoeken van hoe jouw bekken belasting verdeelt, welke spieren te laat of te veel aanspannen, hoe je bekkenbodem samenwerkt met je diepe buikspieren en je ademhaling. En vervolgens: gerichte oefeningen die daarop aansluiten, plus het aanpassen van de bewegingen waar jij dagelijks tegenaan loopt.


Kind

Wat je nu doet, bepaalt mede hoe je bevalling verloopt en hoe je herstel eruitziet. Dat is het principe waar ik BIBO naar heb vernoemd: Better In, Better Out.

Je gaat niet aan je bekken werken omdat de pijn nu vervelend is. Je gaat eraan werken omdat een bekken dat goed samenwerkt je in het baringsproces ruimte geeft, en omdat bijna een op de drie vrouwen na de bevalling nog klachten heeft. Elke week die je nu investeert, investeer je twee keer.

Wil je hier meer over horen? In mijn podcast Zwanger aan de Top praat ik hier uitgebreid over.


Zeven dingen die je vandaag al kunt veranderen

Dit zijn de adviezen die ik het vaakst geef, en waar vrouwen het snelst verschil van merken. Ze vervangen geen behandeling, maar ze verlagen wel meteen de dagelijkse belasting op je bekken.

1. Draai in bed om als één geheel. Trek je knieën op, houd ze tegen elkaar, span je bekkenbodem licht aan en rol dan met je hele lichaam tegelijk. Niet je bovenlichaam eerst en je benen erachteraan. Een gladde onderlaag helpt hierbij enorm, bijvoorbeeld een satijnen hoeslaken.

2. Leg een kussen tussen je knieën én je enkels. Alleen tussen je knieën laat je onderbenen nog steeds naar beneden zakken, waardoor je bekken toch verdraaid ligt. Een lang kussen of een tweede kussen bij je enkels maakt het verschil.

3. Stap uit de auto met je knieën tegen elkaar. Draai eerst als geheel op de stoel, twee voeten naar buiten, en sta dan pas op. Dit is een van de meest voorkomende momenten waarop vrouwen die scherpe pijn voorin voelen.

4. Sta symmetrisch. Niet met je gewicht op één been of met je heup naar buiten. Bij lang stilstaan is het prettig om afwisselend één voet op een verhoging te zetten, zodat je bekken van houding wisselt zonder te blijven hangen.

5. Neem de trap rustig en om beurten. Zet je voeten desnoods naast elkaar op elke tree. Traplopen is bij uitstek een beweging waarbij je gewicht van links naar rechts overbrengt, en dus vaak de eerste beweging die pijn geeft.

6. Til je peuter anders. Zak door je knieën, houd hem dicht tegen je aan en draai niet in de beweging. Nog beter: leer je peuter om zelf op de bank of op een krukje te klimmen, zodat jij niet vanaf de grond hoeft te tillen.

7. Adem drie keer per dag een minuut lang laag. Handen op de zijkant van je onderste ribben, adem in en voel je ribben naar buiten gaan, adem langzaam uit en voel je bekkenbodem meegeven. Dit is de meest onderschatte oefening die er is, en ze doet twee dingen tegelijk: ze kalmeert je zenuwstelsel en ze herstelt de samenwerking tussen je middenrif en je bekkenbodem.


Bekkenpijn en je bevalling

Een vraag die vrijwel elke vrouw met bekkenpijn me stelt: kan ik hier gewoon mee bevallen?

Ja. Bekkenpijn is geen reden voor een keizersnede en geen reden om je bevalplan om te gooien.

Wel is het verstandig om vooraf te weten in welke houdingen jouw bekken comfortabel is en in welke niet. Dat zoek je uit terwijl je nog zwanger bent, niet tijdens de weeën.

Wat ik cliënten meegeef:

  • Zoek uit hoe ver je je benen comfortabel kunt spreiden, en geef die grens door aan je verloskundige of gynaecoloog. Dat is je richtlijn voor tijdens het persen.
  • Onderzoek welke baringshoudingen goed voelen. Zijligging, handen en knieën en verticale houdingen belasten je bekken vaak minder symmetrisch belastend dan platliggend met je benen in de beensteunen.
  • Zet dit letterlijk in je bevalplan. Dan hoef je het op het moment zelf niet meer uit te leggen.

Meer over het opstellen van een bevalplan lees je in mijn blog over de keuzes die je hebt als bevallende vrouw.


Bekkenpijn na de bevalling: hoe lang duurt het?

Voor de meeste vrouwen nemen de klachten kort na de bevalling snel af. De Nederlandse fysiotherapierichtlijn beschrijft dat als een gunstige prognose.

Tegelijk laat de overzichtsstudie van 2026 zien dat ongeveer 28 procent van de vrouwen na de bevalling nog bekkenpijn heeft. En er zijn onderzoeken die vrouwen jaren later opnieuw bevroegen en dan nog steeds een deel met klachten vonden.

Twee dingen kun je hieruit halen.

Ten eerste: als je pijn de eerste weken na je bevalling nog aanwezig is, is dat normaal en betekent het niet dat je iets verkeerd doet. Je lichaam heeft tijd nodig.

Ten tweede: als je pijn na zes tot acht weken niet duidelijk aan het afnemen is, wacht dan niet langer af. De factoren die aanhoudende klachten voorspellen, zoals veel pijn tijdens de zwangerschap, pijn op meerdere plekken en bewegingsangst, zijn allemaal factoren waar je iets aan kunt doen. Maar alleen als je er iets aan dóet.

Mijn doel bij herstelbegeleiding is dat je terugkomt op minimaal het niveau van functioneren dat je vóór je zwangerschap had. Dat is ook wat de Nederlandse richtlijn als einddoel formuleert. Ik kan je geen uitkomst garanderen, want dat kan niemand, maar dat is wel waar we samen naartoe werken.

Voor die fase heb ik De Gouden Herstelformule ontwikkeld.


Bekkenpijn en werk

Bekkenpijn is een van de belangrijkste redenen dat zwangere vrouwen zich ziekmelden. Dat is ook precies waar het onderzoek een van de duidelijkste effecten liet zien: beweegprogramma's tijdens de zwangerschap verminderden het aantal nieuwe ziekmeldingen door rug- en bekkenklachten aanzienlijk.

Voor jou betekent dat iets belangrijks. Investeren in je bekken is niet alleen investeren in minder pijn. Het is ook investeren in de mogelijkheid om te blijven doen wat je belangrijk vindt.

Praktisch, voor als je werkt:

  • Wissel elke twintig tot dertig minuten van houding. Zittend werk is niet per definitie beter dan staand werk. Lang in dezelfde houding blijven is het probleem.
  • Zit met beide voeten plat op de grond en je gewicht gelijk verdeeld. Niet met een been onder je.
  • Vraag om een aanpassing voordat je vastloopt, niet erna. Een zit-sta bureau, kortere reistijd of een aangepast rooster zijn geen bijzondere gunsten.
  • Praat op tijd met je bedrijfsarts of leidinggevende. Wachten tot het niet meer gaat, maakt de weg terug langer.


Wanneer schakel je een fysiotherapeut in?

Mijn eerlijke antwoord: eerder dan de meeste vrouwen doen.

De meeste cliënten komen bij mij als de pijn hun dagelijks leven al maanden beperkt. Op dat moment is er niet alleen pijn, maar ook conditieverlies, slaaptekort, bewegingsangst en vaak een flinke dosis frustratie omdat ze het gevoel hebben niet gehoord te zijn. Dan is er meer tijd nodig.

Zoek begeleiding als:

  • Je pijn hebt bij het overbrengen van gewicht, bij lopen, traplopen of omdraaien in bed
  • Je activiteiten begint te vermijden omdat je bang bent voor de pijn
  • Je slechter slaapt door de pijn
  • Je in een vorige zwangerschap ook bekkenklachten had, want dan is vroeg beginnen extra zinvol
  • Je pijn na zes tot acht weken na de bevalling nog niet duidelijk afneemt

En eigenlijk het liefst nog eerder dan dat. De sterkste conclusie uit het voorlichtingsonderzoek van 2025 was dat begeleiding het meeste effect heeft vroeg in de zwangerschap, of zelfs aan het begin ervan.

Ik werk vanuit mijn praktijk in Zoetermeer, buiten de verzekerde zorg om, met ruime consulten waarin behandeling, training en kennis samenkomen. Geen zes losse afspraken van vijfentwintig minuten, maar een plan dat past bij jouw lijf, jouw werk en jouw zwangerschap.


Klaar om iets aan je bekkenpijn te doen in plaats van het uit te zitten?

Het begint met een vrijblijvende kennismaking van dertig minuten. Daarin vertel je wat er speelt, kijk ik met je mee en hoor je eerlijk of ik je verder kan helpen. Zonder verplichtingen.

Plan je gratis kennismaking

Bekijk het 3 maanden traject

Bekijk het 9 maanden traject


Veelgestelde vragen over bekkenpijn tijdens de zwangerschap


Vanaf welke week krijg je meestal bekkenpijn?

De meeste vrouwen merken het tussen week 14 en week 30, met een piek in het derde trimester. Het kan eerder beginnen, zeker als je in een vorige zwangerschap ook klachten had. Klachten die al in het eerste trimester ontstaan, zijn een reden om er vroeg bij te zijn.


Gaat bekkenpijn vanzelf over na de bevalling?

Bij de meeste vrouwen nemen de klachten kort na de bevalling snel af. Toch heeft ongeveer 28 procent van de vrouwen na de bevalling nog klachten. Neemt je pijn na zes tot acht weken niet duidelijk af, laat het dan beoordelen.


Mag ik sporten met bekkenpijn?

Ja, en het is zelfs verstandig. De richtlijn adviseert actief te blijven, passend bij de fase van je zwangerschap. Wel is het slim om te kiezen voor bewegingen die je bekken symmetrisch belasten, zoals zwemmen, fietsen op een hometrainer en gerichte krachtoefeningen. Bewegingen waarbij je veel op één been staat of grote passen maakt, geven vaker klachten.


Helpt een bekkenband echt?

Onderzoek laat een bescheiden vermindering van pijn zien en een klein effect op dagelijks functioneren. Flexibele en stevige banden werken ongeveer even goed. Een band kan je zeker verlichting geven, maar hij lost de onderliggende aansturing niet op. Gebruik hem gericht tijdens belastende momenten.


Komt bekkenpijn door het hormoon relaxine?

Dat wordt vaak gezegd, maar het onderzoek onderbouwt het niet. In een overzicht van zes studies vond slechts een deel een verband, en juist de kwalitatief beste studies vonden geen verband. Bekkenpijn heeft meerdere oorzaken die samenkomen.


Kan ik normaal bevallen met bekkenpijn?

Ja. Bekkenpijn is op zichzelf geen reden voor een keizersnede. Zoek wel vooraf uit hoe ver je je benen comfortabel kunt spreiden en welke baringshoudingen prettig voelen, en zet dat in je bevalplan.


Wat is het verschil tussen bekkenpijn en bekkeninstabiliteit?

Het gaat om dezelfde klachten, maar het woord instabiliteit klopt niet. Er is geen bewijs dat de gewrichten bij vrouwen met pijn losser zijn. Wat verandert is de samenwerking tussen je spieren. De Nederlandse fysiotherapierichtlijn gebruikt daarom de term zwangerschapsgerelateerde bekkenpijn.


Wordt fysiotherapie bij bekkenpijn vergoed?

Dat hangt af van je polis en je aanvullende verzekering. Ik werk bewust buiten de verzekerde zorg, zodat ik zelf kan bepalen hoeveel tijd en aandacht jij krijgt. Wil je weten wat dat voor jou betekent, vraag het dan tijdens de kennismaking.


Krijg ik in een volgende zwangerschap opnieuw bekkenpijn?

De kans is verhoogd als je het eerder had. Dat is precies waarom het zinvol is om er tussen twee zwangerschappen door aan te werken en om in een volgende zwangerschap vroeg te beginnen, in plaats van te wachten tot de pijn er is.


Waarom zegt mijn verloskundige dat het erbij hoort?

Omdat het inderdaad vaak voorkomt. Maar veelvoorkomend is niet hetzelfde als iets waar niets aan te doen valt. Internationaal onderzoek benoemt juist dat bekkenpijn nog steeds onvoldoende herkend en behandeld wordt in de reguliere zwangerschapszorg.


Ik heb pijn diep in mijn bil. Is dat bekkenpijn?

Niet per se. De piriformis, een diepliggende bilspier die van je heiligbeen naar de buitenkant van je heup loopt, kan pijn geven op vrijwel dezelfde plek als een SI-gewricht. Het verschil zit in het gedrag: bekkenpijn komt op bij het overbrengen van gewicht, terwijl een spierklacht eerder opspeelt bij lang zitten en bij druk, en vaak juist opluchting geeft bij rekken. Dit is precies wat ik zelf tijdens mijn zwangerschappen had, en het onderscheid maakt voor de aanpak veel uit.


Betekenen harde buiken dat ik te veel doe?

Vaak wel. Harde buiken horen bij een zwangerschap en de meeste zijn onschuldig, maar ze komen regelmatig op na een dag waarop je jezelf voorbij bent gelopen. Zo gebruikte ik ze zelf ook: als graadmeter voor mijn belasting. Wat ik erbij deed: meteen rust nemen, liefst liggend op mijn linkerzij met een kussen tussen mijn knieën. Let wel op: harde buiken die pijnlijk zijn, ritmisch worden of vaak terugkomen, en zeker vóór 37 weken, bespreek je met je verloskundige of gynaecoloog.


Waarom knelt mijn bh ineens zo in mijn zwangerschap?

Meestal doordat je onderste ribben naar buiten gaan staan, ribflare genoemd. De band van je bh ligt precies op die plek. Bij mij was een knellende band elke keer het eerste signaal, nog voordat ik de ribklachten zelf herkende. Ga over op een bredere, rekbaardere band of een zwangerschapsbh die meegroeit, en houd er rekening mee dat beugels in deze fase vaak ongemakkelijk worden.


Krijg ik in een volgende zwangerschap dezelfde klachten?

Niet per se. Bij mijn tweede kind, dat dertienhonderd gram zwaarder was en dat ik bijna drie weken langer droeg, had ik veel minder klachten dan bij mijn eerste. Het verschil zat vooral in wat ik inmiddels wist: ik ging zitten voordat de harde buiken kwamen en rekte voordat mijn spieren opspeelden. Dat is geen garantie, er zijn ook vrouwen bij wie de tweede zwaarder is. Maar het laat wel zien hoeveel het uitmaakt of je je eigen grenzen kent.


Wat kan ik doen aan pijn onder mijn ribben in het derde trimester?

Dat is meestal ribflare: je onderste ribben gaan naar buiten staan doordat je baarmoeder omhoog duwt tegen je middenrif. Wat helpt: rechtop zitten en je bovenlichaam lang maken, ademen naar de zijkanten van je ribben in plaats van omhoog, regelmatig van houding wisselen en een arm boven je hoofd strekken naar de gespannen kant. Het is ook de moeite waard om hier iets aan te doen omdat je middenrif en je bekkenbodem samenwerken.


Tot slot

Als je één ding meeneemt uit dit artikel, laat het dit zijn: je bekken is niet kapot en je hoeft dit niet uit te zitten.

Bekkenpijn tijdens de zwangerschap ontstaat door een samenspel van veranderende belasting, veranderende spieraansturing en een zenuwstelsel dat mee reageert. Alle drie zijn ze beïnvloedbaar. Niet met één wonderoefening, wel met een aanpak die op jou is afgestemd en die je serieus neemt.

De vrouwen die ik begeleid, komen bij mij binnen met het gevoel dat ze zichzelf kwijt zijn geraakt in hun eigen lichaam. Ze gaan weg met een lijf dat weer meewerkt en met kennis waar ze de rest van hun leven wat aan hebben. Dat is wat ik jou ook gun.

Je hoeft dit niet alleen uit te zoeken.


Wetenschappelijke onderbouwing

Ik werk als Premium Fysiotherapeut volgens de laatste wetenschappelijke inzichten, en vertaal die naar de praktijk. Deze blog is onder andere gebaseerd op de volgende bronnen:

  • Abawa A, Bidkhori H, Hennes D, et al. Pelvic Girdle Pain in Pregnancy and Postpartum: A Systematic Review and Meta-Analysis of Prevalence, Risk Factors, and Diagnostic Methods. International Continence Society, 2026. Abstract 629.
  • Vesting S, Gutke A, de Baets L. Educating women to prevent and treat low back and pelvic girdle pain during and after pregnancy: a systematized narrative review. Annals of Medicine, 2025;57(1):2476046.
  • Yang K, Hu J, Wang J, et al. Functional training versus conventional physiotherapy for postpartum pelvic girdle pain: a randomized controlled trial. Scientific Reports, 2026;16:11803.
  • Lauridsen J, Dalbøge A, Jahn A. The effect of pelvic belts to manage low back and pelvic pain during pregnancy: a systematic review and meta-analysis. Midwifery, 2025.
  • Aldabe D, Ribeiro DC, Milosavljevic S, Bussey MD. Pregnancy-related pelvic girdle pain and its relationship with relaxin levels during pregnancy: a systematic review. European Spine Journal, 2012;21(9):1769-1776.
  • Aldabe D, Milosavljevic S, Bussey MD. Is pregnancy related pelvic girdle pain associated with altered kinematic, kinetic and motor control of the pelvis? A systematic review. European Spine Journal, 2012.
  • Burani E, Marruganti S, Giglioni G, et al. Predictive Factors for Pregnancy-Related Persistent Pelvic Girdle Pain: A Systematic Review. Medicina, 2023;59(12):2123.
  • Shiri R, Coggon D, Falah-Hassani K. Exercise for the prevention of low back and pelvic girdle pain in pregnancy: A meta-analysis of randomized controlled trials. European Journal of Pain, 2018.
  • Wuytack F, Begley C, Daly D. Risk factors for pregnancy-related pelvic girdle pain: a scoping review. BMC Pregnancy and Childbirth, 2020;20:739.
  • Halliday B, Chatfield S, Hosking J, Freeman J. The prevalence of depression in women with pregnancy-related pelvic girdle pain: A systematic review and meta-analysis. Health Science Reports, 2024;7:e2308.
  • Stuge B, Laerum E, Kirkesola G, Vøllestad N. The efficacy of a treatment program focusing on specific stabilizing exercises for pelvic girdle pain after pregnancy: a randomized controlled trial. Spine, 2004;29(4):351-359.
  • Vleeming A, Albert HB, Östgaard HC, Sturesson B, Stuge B. European guidelines for the diagnosis and treatment of pelvic girdle pain. European Spine Journal, 2008;17(6):794-819.
  • KNGF. KNGF-richtlijn Zwangerschapsgerelateerde bekkenpijn. Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie.
  • Simonds AH, Abraham K, Spitznagle T. Clinical practice guidelines for pelvic girdle pain in the postpartum population. Journal of Women's and Pelvic Health Physical Therapy, 2022;46(1):E1-38.